De ontdekking van Amerika II

(lees ook het eerste artikel van Bram over de ontdekking van Amerika)

In het boek 'De wereldwijde vloed' door Tjarko Evenboer, uitg. Gideon-Hoornaar, 2012) komen een aantal feiten naar voren over de origine van de Amerikaanse indianen, vooral die uit Zuid-Amerika. Het lijkt aannemelijk dat ze hun herkomst vinden in Europa resp. het Midden-Oosten. Daarvoor haalt de auteur allerlei feite aan, gekoppeld aan tal van veronderstellingen. Bijvoorbeeld laat genetisch onderzoek zien, dat er veel verwantschap is met volken uit Europa en het Midden-Oosten. De gangbare veronderstelling dat de indianen gemigreerd zijn uit Oost-Azië wordt daardoor zelfs geheel ontkracht. Daarvoor ligt ook nog een aanwijzing in de taal van de Maya's, die volgens meerdere geleerden een Semitische oorsprong heeft. (Zo David Allen Deal in: The Nexus Spoken Language, uitg. 1993)

Nóg overtuigender zijn de oude documenten van de Maya's en Tolteken. Zo stelt de Popol Vuh (Guatemala) rond 1550 - het: Boek van de Raadsvergadering, gebaseerd op oude Maya documenten - dat de bevolking van Amerika uit het oosten komt, en daarheen werd gebracht door een groot vorst. In de annalen van de Cakchiqueles lezen we met zoveel woorden dat deze Guatemalteekse stam gelooft dat ze nakomelingen zijn van Israël. (Deze Annalen zijn rond 1580 A.D. geschreven in het Cakchiquel, en opgetekend door kolonisten samen met de indianen. Daarbij blijft het de vraag wat historisch is en wat de interpretatie van de samenstellers.) Datzelfde fenomeen treffen we in de zogenaamde Durán Codex van 1581. De officiële titel luidt: 'De geschiedenis van de Indiën van Nieuw Spanje'. Fray Diego Durán beschrijft de geschiedenis van de Azteken, met wie hij in Mexico vriendschappelijk omging en wier taal hij vloeiend sprak. Hij had ontdekt dat allerlei bijbelse geschiedenissen (schepping, zondvloed, torenbouw van Babel) bekend waren bij de Azteken, en ook kenden ze verhalen die sterk aan Mozes en de doortocht door de zee deden denken. Hij concludeeerde dat ze van Israëlitische afkomst moesten zijn. Of zeiden de oorspronkelijke overleveringen dat? Dat is nog steeds de vraag.

Ook in zeer oude geschiedenissen uit de Oude Wereld komen we heenwijzingen naar hetzelfde fenomeen. Herodotus van Halicarnassus, de eerste schrijver van een wereldgeschiedenis) schrijft in 484 v. C. dat de Feniciërs geheel Afrika omzeilden (wat veel verder is dan de oversteek naar Amerika). Sommigen halen uit zijn werken dat ze inderdaad die oversteek ook maakten. Diodorus van Sicilië, die een halve eeuw voor onze jaartelling leefde, spreekt over 'een eiland op grote afstand' in het verre westen, waar de Feniciërs handel mee dreven. Reeds Aristoteles schreef ditzelfde in ongeveer 360 v.C. in 'De mirabilibus ausculationibus'. Hij legt uit waarom dit geheim goed bewaard werd. Het was een staatsgeheim in Carthago (gesticht door de Feniciërs). Zij wilden voorkomen dat andere zeevarende naties die bron van rijkdom zouden ontdekken. De verklaring dat het bij dit 'eiland' zou gaan om de Azoren of de Canarische eilanden is onwaarschijnlijk. Die kunnen niet een enorme vloot aan zeeschepen aan voldoende lading helpen. 

Ook in oude Ierse mythen wordt geproken over een verafgelegen, sprookjesachtig eiland in het verre westen, dat ze Brasil noemen. Op een oude zeekaart uit 1325 van Angelino Dulcert (Majorca) staat Brasil ook vermeld, ver in het westen vanuit Europa bezien. En daarmee roepen Dulcert en de Ieren enorme vragen op. Hadden zij een kennis, die later verloren is gegaan?

Over een aantal archeologische vondsten ben ik kort. De verloren gegane Steen van Paraíba (Brazilië) blijft een punt van heftige controversen. Diverse Fenicische inscripties uit Nieuw-Engeland leveren ook nogal wat discussie op. Zij zouden bewijzen dat er een Fenicische/Aziatische presentie was in zowel Noord- als Zuid-Amerika 2000 jaar vóór Columbus. Ik heb er in een eerder artikel al over geschreven voor wat Noord-Amerika betreft. Maar alles tesamen: genetisch speurwerk, taalstudies, archeologische vondsten en oude geschiedenissen, mythen en legenden wijzen in dezelfde richting: het Oosten.

Wie is dan die machtige koning, die de kolonisatie van Amerika op zijn naam heeft staan? Zou dat Dan I kunnen zijn? Hij leefde in de tijd van David, ongeveer 1000 v.C. Zijn naam is geen toeval - de oudste Deense geschiedenissen voeren hun oorsprong terug naar de stam Dan, zie Saxo Grammaticus uit ongeveer 1200 A.D. Dat past geheel in de lijn van de geschiedenissen van zijn IJslandse tijdgenoot, Snorri Sturluson, die de koningen van Noorwegen terugvoert op de mytische held Odin. Ook hier kun je een Semitische geslachtslijn ontdekken. En is de gelijkstelling van Dan I aan de mythische indiaanse voorvader speculatie, of is hij inderdaad de Vodan, Votan of Wodan uit de indiaanse traditie? En ook uit de Viking traditie, en de IJslandse (Odin). Is Wodan niet anders dan een vergoddelijkte voorvader? Hier tasten we in het duister. Met Evenboer als ziener?

Er staat meer in het boek van Tjarko Evenboer. Met deze materie ontkom je er niet aan om te speculeren, combineren, veronderstellen... Maar als Evenboer gelijk heeft, moeten we de hele mensheidsgeschiedenis, en zeker die van Amerika, herzien. Hij heeft een aantal sterke troeven in zijn hand. En dan heb ik hiermee maar een deel van zijn boek behandeld. Rest volgt.

Bram Krol

10-6-2015

Lees ook een artikel n.a.v. het boek van Tjarko Evenboer genaamd: " een stortvloed aan zondvloed verhalen"